Oudejaarsavond

Dit jaar organiseerden de mannen de jaarlijkse themaparty van oudejaarsavond. Hoewel het vrouwenteam ondertussen functioneert als een goed geöliede machine, na tientallen jaren ervaring, hebben ze zichzelf een sabbatjaar voorgeschreven. Het werd tijd dat de mannen ook eens de kans kregen zich te bewijzen. De vrouwen konden relaxed achterover leunen, een wijntje in de hand, met nog slechts één gespreksonderwerp : “Of en hoe zullen de mannen het er van af brengen?”

Zich bewust van de druk die op hun schouders rust, besloten de mannen alle voorbereidingen zoveel mogelijk geheim te houden voor de vrouwen. Toch moeten er mannen geweest zijn, die na een vergadering, in een zwak moment, overmand door begrijpelijke twijfel en onzekerheid, te rade zijn gegaan bij één van hun respectievelijke vrouwen. Op die manier was er af en toe toch wat cruciale informatie naar de vrouwelijke kant doorgelekt. Wat onmiddellijk resulteerde in een onvermijdelijke lawine van kritiek en commentaar.

Het eerste item waar veel ongerustheid over ontstond, was de prijsbepaling. In vergelijking met vorig jaar werd er een plotse prijsstijging aangekondigd, die niet meer met de index alleen te verantwoorden viel. Het hek was helemaal van de dam, toen er geruchten waren over een drankbonnen-systeem. De vrouwen veerden ongemakkelijk op uit hun comfortabele positie, sommigen iets te snel waardoor hun wijntje wat morste op de zetel.

Uiteindelijk konden ze alles een plaats geven en bedaarden ze : de onzekere mannen wilden gewoon op veilig spelen en zeker geen risico lopen nadien de financiële put te moeten vullen. Uit begripvolle compassie gaven de vrouwen hun -weliswaar niet gevraagde – akkoord, maar lieten ze verstaan dat ze in ruil een evenredige stijging aan perfectie en exclusiviteit verwachtten.

Een ander heikel punt was ‘het thema’. Cruciaal voor een geslaagde avond, al was het maar voor de foto’s achteraf. Om te beginnen waren de meningen sterk verdeeld over hoe obligatoir de dresscode al of niet moest zijn! Er werd gefluisterd dat een paar fanatiekelingen zelfs van plan waren de toegang te ontzeggen van genodigden die niet in het thema pasten. Kortom, de spanningen liepen hoog op en de opluchting was voelbaar toen het thema eindelijk werd vrijgegeven : ‘film’! Bij nader inzien inderdaad een thema dat evengoed mogelijkheden biedt voor mensen die niet zo graag in de verkleedkoffer duiken. De vrouwen leunden weer achterover en konden hun fantasie de vrije loop laten, wat aardig lukte na al die wijntjes.

Vanaf dan moest je alleen nog op je hoede zijn voor slinkse ondervragingsmethodes, om te achterhalen welk filmpersonage je zou zijn. Het gevaar kwam van alle kanten, zowel van zij die geen inspiratie hadden, als van diegenen die van plan waren er helemaal over te gaan, en het risico wilden inschatten dat ze toch niet de enigen zouden zijn die zich compleet belachelijk zouden maken.

Door de verhoging van de deelnameprijs voelden Filip en ik ons genoodzaakt te besparen op het kledijbudget. Maar we zijn gewoon creatief om te springen met weinig middelen. Ikzelf kon de perfecte ‘runaway bride’ spelen, door gewoon mijn trouwkleedje aan te trekken met comfortabele sportschoenen. De film had ik nooit gezien, maar dat was geen vereiste. Ik had er wel niet bij stil gestaan, dat het ingewerkte corset na twee jaar huwelijksgeluk nu wel héél strak rond mijn lijf zat gespannen. Rechtopstaand hapjes naar binnen werken lukte nog, maar nog tijdens het aperitief begon ik me wel wat zorgen te maken hoe ik ooit zittend zou eten in die dwangbuis.

Maar het is in nood dat de perfect oplossingen uit de lucht komen gevallen. Dus toen ik mijn jongste zoon na het aperitief, zoals afgesproken, naar oma bracht, ontfutselde ik zijn Casa del Papel-outfit (rode losse overal met Dali-masker en nepgeweer). Bij mijn terugkomst op de feestlocatie verraste ik het oudejaarsavond-gezelschap met een overval in Casa-stijl. Niemand was onder de indruk van mijn overval, maar wel van mijn gedaanteverwisseling, die ik handig wist in te kleden als vooraf gepland.

Filip besloot als zichzelf te gaan, als Superman dus. Veel had hij niet nodig : een rode cape, een oogmasker die we in een prullenwinkel op de kop hadden kunnen tikken, een geprint superman-logo op zijn gespierde torso, en een blauwe panty van mij waaronder hij enkel een onderbroek droeg (een superman broekje hadden we helaas niet meer kunnen vinden). Maar zelfs met die paar attributen was hij omgetoverd tot een ware look-a-like. Met zijn hete adem blies hij in één ruk de BBQ op gang en het heel de avond vloog hij héén en weer in de zaal om de buffet-tafel te installeren, de cava bij te vullen, verse glazen tevoorschijn te toveren en zalm-papillotten aan te leveren.

De verstrengde privacy-wetgeving indachtig, kan ik hier natuurlijk niet zomaar al onze gasten met naam en toenaam gaan vernoemen. Maar ik zie er geen graten in ze voor deze blog op te voeren als hun alterego’s voor één dag. Zo passeerden volgende personages de revue : meneer Boma & Carmen van de kampioenen, Mister Spock van Star Trek, Katnis Everdeen van de Hunger Games, Zorro met (één van?) zijn vrouwen, John Travolta & Olivia Newton John van Grease, Mr Grey & Anastasia Steele van 50 shades of Grey, James Bond & M, een stelletje tweede-rangs-actrices uit de jaren ‘20 die nooit zijn doorgebroken, een Indische Bollywood actrice met haar pooier, kunstenaar Egon Schiele en dan ben ik er zeker nog een paar vergeten. En o ja, ook nog Dhr. en Mevr. Lodewyck-Buyse, met een zeer overtuigende vertolking van zichzelf (hun rijkelijk gekleurd leven vol avonturen, exotische reizen, artistieke en andere escapades, is bij nader inzien inderdaad voer voor een film).

Het decor van dit anachronistisch gezelschap was het enige echte authentiek cultuurcaféetje in Roeselare, dat zich perfect leende als filmset. Deze unieke locatie was nu wel niet te wijten aan bijzonder zoekwerk van de mannen, maar enkel dank zij een nieuw lid van ons mannencomité : de cafébaas en voor de gelegenheid eigen-nar* van de Ktrolle (*is geen schrijffout maar een verwijzing naar zijn outfit als ‘nar’ uit een sprookjesfilm). Omdat het cafeetje als een verborgen parel, pal in het centrum, verscholen ligt, was er nog een bijkomend voordeel. De gasten werden om 12u zomaar getrakteerd op een spectaculair vuurwerk, dat te zien was van op de markt en dat terwijl de mannen het vuurwerkbudget konden uitsparen in het al zeer ruime budget !

Het was met een dubbel gevoel bij meneer Boma, die in ons oudejaars-team ondertussen gekend is als de beste vuurwerkmaker van heel het kabouterdorp (of nee dat is een andere film). Maar al bij al moet hij inzien, dat het best was dat er geen vuurwerkboxen vervaarlijk dicht moesten ontstoken worden. Dat zou helemaal niet goed afgelopen zijn voor zijn Carmen, die hij had geïnviteerd. Zij had de hele avond zo al haar handen vol met haar decolleté in de plooi te houden, haar minirok naar beneden te trekken en haar weelderige krullen uit haar ogen te wrijven, wilde ze haar gesprekspartner kunnen aankijken. Ik mag er niet aan denken dat ze daarbij nog eens een hysterisch Nero-ke had moeten kalmeren onder haar armen.

Om 12u leek de betovering precies verbroken. Vele pruiken waren al van eigenaar gewisseld, John Travolta en Mr. Spock waren éénsklaps kaal geworden, Anastasia Steel stond op de dansvloer vervaarlijk te zwaaien met mijn geweer, de boa’s van de naamloze actrices uit de jaren ‘20 hadden ondertussen bijna al hun pluimen verloren en mijn superman was zijn krachten kwijtgespeeld.

Ik zag hem vermoeid maar geduldig zitten wachten, tot ik mijn jaarlijkse bijdrage had geleverd op de dansvloer, naast hem een hoopje zwarte pluimen van de actrice die hem nog gezelschap had gehouden. Ik besloot dat het tijd was, en we vlogen samen naar huis, het gloednieuwe jaar tegemoet.

Gelukkig nieuw jaar iedereen !

Kerst

Moeten wij echt mee naar Frankrijk, waar alle huizen bouwvallig lijken en de wifi traag? De jongens hebben er niet echt veel zin in. We doen geen poging hen gerust te stellen door te beloven dat het er supergezellig zal zijn, dat we kerstavond zullen vieren met cadeautjes bij het haardvuur, dat we gezelschapsspelletjes zullen spelen en biljarten in de men’s cave.

In plaats daarvan kiezen we ervoor hun rampscenario aan te dikken : dat we er onze eigen kamp Waes zullen organiseren, een echte bootcamp, waar ze alleen zullen overleven mits discipline en fysieke inspanningen : boswandelingen in het donker, everzwijnen jagen om niet uit te hongeren, hout kappen om warm te blijven, …  En alsof dat niet genoeg is als sfeerschepping, bespreken Filip en ik opzettelijk luid dat we hopen dat de mazoutketel nog gevuld zal zijn, want dat er anders geen chauffage of warm water zal zijn…  

Als de verwachtingen minimaal zijn, kan de werkelijkheid  alleen maar meevallen, is onze strategie.  

We zijn nog mild, want we spreken niet eens over de Wifi, waarvan we nooit zeker zijn dat die zal werken. Maar dat is natuurlijk wel het eerste wat uitgetest wordt als we aankomen. Nog voor de auto is uitgeladen, valt het verdict en wordt bevestigd wat we niet eens hadden durven uitspreken. Geen Wifi !

Het noodnummer naar Orange voor dergelijke kritieke situaties, blijkt niet te werken vanuit een Belgische mobiel nummer en de zelfhulp-website is ook geen oplossing zonder wifi.

Morgen moeten we toch naar de stad om boodschappen te doen, dus zullen we dan ondertussen ook naar de Orange-shop gaan, beloven we. Zo wreed zijn we niet.

Het is ontzettend druk in de Wifi-winkel. Een wirwar van klanten en medewerkers. Een lokale lotgenoot expliceert het systeem: je moet eerst aanschuiven bij die onthaalmedewerker die je dan zal doorverwijzen naar één van de andere medewerkers. Eens het onze beurt is onthaald te worden, blijven we daar helaas steken. De Orange-man wijst ons erop dat hij niets kan doen, we hadden onze wifibox moeten meebrengen en die zouden ze dan kunnen testen.

Gelukkig heeft onze bergrit van drie kwartier, ook nog een ander doel gediend: boodschappen doen. In de supermarkt ben ik er niet helemaal bij met mijn gedachten. Ik moet tot 3 keer toe van de kassa naar de groentenafdeling terug sprinten om groenten te gaan wegen waarvan ik dacht dat ze per stuk werden verkocht. Eerst de uien, ja dat had ik moeten weten. Dan het potje olijven ‘en vrac’, wat evenveel betekent als ‘deze moet je wegen!’ weet ik nu. Maar dan ook nog dat kleine rode pepertje? Komaan daar past niet eens zo’n prijssticker op ! Terwijl ik mijn estafette zo snel mogelijk probeer af te werken, moet mijn mannelijk gezelschap zichtbaar gegeneerd de geërgerde blikken doorstaan van de klanten, die zo onfortuinlijk waren geweest onze rij te kiezen. Een vernedering die mijn mannen zonder excuses moeten ondergaan, gezien hun Frans te kort schiet om verontschuldigingen te formuleren dat kassa’s in België uitgerust zijn met een weegschaaltje.

De volgende dag maken we opnieuw een gezinsuitstap naar Aubenas, de stad van de Orange-shop. Die blijkt ook in de winter te sluiten tijdens de siësta. Noodgedwongen maken we een stadswandeling en ontdekken een echte kerstmarkt, met plastieken schaatspiste (!), die we niet durven uitproberen. Klokslag 14u staan we voor de Orange-winkel. We zijn de eerste klanten en zelfs zonder het onthaal te passeren, mogen we meteen een echte medewerker spreken. Met enige trots toveren we de wifi-box tevoorschijn waar we al de hele kerstmarkt mee rondsjouwen.

Deze medewerker is niet onder de indruk en heeft nauwelijks oog voor het ding. In plaats daarvan doet hij dat waar ik bij ons eerste bezoek had op gehoopt: Hij zoekt onze gegevens op in de computer, maakt weliswaar even een pijnlijke grimas als hij hoort in welke uithoek we wonen, maar belt dan een technieker op die van op afstand onze lijn kan testen. We zijn niet echt verrast als zijn conclusie is dat die niet werkt. Maar er wordt meteen afspraak geregeld met een technieker die ter plaatse zal komen, maar dat kan pas na kerstdag natuurlijk. Ik ben oprecht verrast over zo veel Franse efficiënte in slechts enkele minuten.

We pakken onze wifibox, waar niemand had naar omgekeken, liefdevol in en keren terug naar onze afgelegen kerststal.

Tot mijn genoegen keken de kids uit naar kerstavond. Vooraf in België kocht ik voor elk van mijn mannen een cadeautje. Ook had ik de laatste dag thuis de jongens wat geld toegestopt en op pad gestuurd om ook voor mij een kleinigheid te gaan kopen. Soms moet je als moeder wat creatief zijn om in je eigen behoeften te voorzien.

Om grote ontgoochelingen te voorkomen, had ik wel meermaals gemeld dat het een ‘klein’ cadeautje was, en met ‘klein’ bedoelde ik niet het formaat, maar de prijs, voor het geval ze dan zouden gaan fantaseren over een Iphone. Mijn strategie had gewerkt, de cadeautjes vallen in de smaak, nu nog de kerstmenu.

Gourmet, ideaal voor kerstavond, vooral omdat er weinig voorbereiding aan is. Filip had me verzekerd dat de nodige logistiek aanwezig was. Mijn aandeel bestaat er alleen uit wat groenten te snijden en pannekoekendeeg te maken, voor het dessert. Maar het gourmet-stel blijkt eerder een soort kruising te zijn van een elektrische BBQ en een broodrooster. Het lukt nog om ons vlees te roosteren op de plaat, maar de bijhorende pannetjes, waarin ik had gehoopt die pannekoekjes te bakken, passen alleen ónder die grillplaat. Gelukkig zijn er nog de kerstkroketten, die ik was vergeten te bakken vooraf, waardoor we tegen het eind van het eten toch elk nog een paar kroketten kunnen eten bij wijze van dessert. Ja, wat mij betreft, kerstmenu geslaagd.

Op kerstdag maken we een wandeling onder een zalig zonnetje in de hoge bergen, waarmee we een letterlijke invulling geven aan de zalige hoogdag. Na wat stevig klimmen en klauteren langs een bergriviertje, aperitieven we boven op de berg onder een staalblauwe hemel. Ook de jongens weten de wandeling, de uitzichten, de meegezeulde aperitiefhapjes te appreciëren.

Bij een afdaling op een moerassige grasveld, gaan Filip en kort daarna Mattis onderuit. Ze hebben zich niet bezeerd maar moeten de wandeling verder met een natte modderbroek. Schoorvoetend bekennen ze (allebei !) dat het grootste probleem nog is dat dit hun enige broek is die ze mee hebben naar Frankrijk. Dat ze dit allebei voor hebben, heeft niets met toeval te maken, maar wel met het feit dat ik bij het inpakken voor de eerste keer geweigerd had iedereen zijn valies te gaan maken…

Tweede kerstdag heeft veel weg van een eigentijdse replica van het kerstverhaal. Opgekleed in ondertussen fris gewassen kleren wachten de jongens in spanning het bijzonder bezoek af. De opluchting is groot als ze hen halfweg de voormiddag in de verte de berg zien op komen : de wijzen uit het oosten, hopelijk ook beladen met geschenken: goud, wifi en mirre.

De technische dienst van Orange heeft duidelijk de grote middelen ingezet. Ze zijn met een grote vrachtwagen met kraan en al en zelfs met twee man! Voor het geval één van beide een flauwte krijgt, wegens niet goed verteerde kerstmenu, vermoed ik. Tegen mijn beperkte verwachtingen in, is het probleem miraculeus snel opgelost. De kraan en de camion blijken overbodig voor een stopcontactje dat een slecht contactje geeft…

De volgende dagen verlopen rustig. De kids maken draadloos contact met hun vriendjes in de bewoonde wereld, ik kan me volop gooien op deze blog en Filip, geveld door rugpijn na zijn slippertje in de bergen, doet krampachtige pogingen zich rustig te houden. De weergoden zorgen gelukkig voor bijpassend druilerig weer, zodat we ons tenminste niet schuldig hoeven te voelen bij zoveel passieve inspanningen.

Writer's block

Je vroeg je het waarschijnlijk al af, na al die weken zonder nieuw blogbericht, heeft ze last van een writer’s block*? Nee, zo ver ben ik nog niet. Er is een andere reden voor mijn schijnbare productiestop. Schijnbaar dus, want achter de schermen ben ik bijna elke dag aan het schrijven. Mijn huisgenoten, huishouden en huisstofmijten kunnen dat getuigen. Ik zal me even verduidelijken.

Het begon allemaal in juni. Om mijn schrijversgehalte wat op te krikken, schreef ik me in voor een cursus schrijven die in september zou starten. De hele zomer keek ik er verlangend naar uit. Ik zag het al helemaal voor mij: mijn eerste boek in de winkel, handtekeningen uitdelen op de boekenbeurs, interviews in talkshows en natuurlijk ook, zoals alleen echte grote schrijvers, ooit een writer’s block… 

We zijn nu een paar lesmaanden verder, ik leerde al zéér veel bij, alleen betwijfel ik of mijn schrijversgevoel er tot nu toe zeer opgekrikt van werd.

Les één begon met het fragment “So you want to be a writer” van Charles Bukowski**. De essentie van zijn betoog:  je bént een schrijver of je bent het niet, een schrijver wórden is geen optie…  Ik had mijn inschrijvingsgeld nog niet betaald. Ik kon nog alle kanten uit…

Ik koos voor het voordeel van de twijfel. Niet aan mezelf! Maar aan Bukowski, bij mij toch vooral gekend om zijn liefde voor whiskey en vrouwen. Waarschijnlijk had hij dit fragment zwaar onder invloed geschreven, in een poging een rivaliserende would-be schrijver uit te schakelen die een zelfde minnares deelde …  

Het is me nog steeds een raadsel waar ik die moed bijeen schraapte de confrontatie aan te gaan met mezelf en mijn schrijversambitie. Misschien lag het aan de leerkrachte, de er-altijd-stralend-vrolijk-en-fris-uitziende Lara Taveirne***, zelfs wanneer haar hond net is overleden (dit laatste heb ik niet eens verzonnen, mag je navragen aan mijn klasgenoten!). Misschien lag het aan haar beloftevolle beeldrijke boeken, die ik in de zomer voor de lessenreeks nog snel had gelezen. Of misschien doordat ze ons al vanaf de eerste les uitdaagde met opdrachten die we ter plekke moesten creëren (jullie krijgen 5 minuutjes, is voldoende?) en dan onze literaire miskramen bewonderde als waren het de schattigste baby’s. Wie waren wij om haar tegen te spreken?  

Ik heb absoluut geen spijt van mijn keuze. Ik bewonder Lara oprecht voor haar expertise en enthousiasme. Meestal onthaalt ze onze teksten met een soort van blije verwondering over zo veel vlijt en vooruitgang. Daarna formuleert ze de perfecte dosis opmerkingen en aanmoedigingen, waardoor je vastbesloten bent, na een volgende herwerking, de prijs voor het beste debuut binnen te halen.  

Maar ik moet realistisch zijn, het zal nog niet voor direct zijn, die carrièreswitch. Er is nog heel wat werk aan mijn boekenwinkel. Schrijven is een heel tijdrovende bezigheid, je moet je er helemaal kunnen in onderdompelen, wat niet altijd evident is, voor je het weet zit je tussen overgare soep en aangebakken patatten.

En dan is er nog het veldwerk, je kan niet zomaar wat schrijven. De inhoud moet kloppen met de werkelijkheid, want herkenbaarheid is een belangrijk gegeven voor de lezer, leerde ik ook. Zo had ik laatst uren geknutseld aan een passage over een trein die het station luid donderend komt binnen gereden : het geluid van de afremmende trein, in mijn herinnering een akelig schurend metaalgeluid, was de openingszin van mijn tekst. Mijn ontgoocheling was dan ook groot toen ik bij een recente, nog zeldzame treinreis, vaststelde dat treinen de laatste paar jaar blijkbaar ontzettend geëvolueerd zijn en helemaal geen dergelijk -zij het dan goed omschreven- geluid meer produceren. In plaats daarvan glijden ze bijna geruisloos het station binnen, zonder enig spoor nog van die ouderwetse dramatiek. Ik kon dus meteen les twee in praktijk brengen : ‘durven schrappen’! Ik maak vorderingen, denk ik. 

Soit, alle drama en hectiek op een stokje, ik amuseer me eigenlijk wel te pletter. Maar mijn punt is dus dat ik allerminst te kampen heb met een writer’s block. Als ik al met iets kamp, dan is het een soort van identiteitscrisis. Doorheen de schrijfopdrachten zwalp ik van euforie naar depressie en terug. Misschien is dat juist de bedoeling want ik begin de heer Bukowski, meer en meer te snappen, zijn teksten en zijn liefde voor whiskey.

Gelukkig is er nog deze blog, waar ik kan schrijven, zonder opgelegde thema’s, uit de losse pols over mijn doodgewone leven. Het voelt als een beetje thuiskomen, bij mijn lieve lezers, bij de kiem van mijn passie.

——————————————————————————————–

* Schrijversblok (Engels: writer’s block) is het tijdelijke onvermogen van een schrijver of componist om tot schrijven te komen.

** Het fragment “So you want to be a writer” van Charles Bukowski kan je hier lezen.

*** En de drie sterren-voetnoot is voorbehouden voor een linkje naar Lara Taveirne.

Autorit

Echtelijke ruzies, het waren er gelukkig nog niet veel, maar 90% ervan vond plaats in de auto en waren altijd gerelateerd aan het autorijden. Over te traag of te snel, te dichtbij of te veraf, te links of te rechts, over het verschil tussen bemoeien en waarschuwen, over de manier van remmen en schakelen, de radio te luid of te stil, de navigatie instellen en niet volgen….

Ongelooflijk hoeveel discussie-materiaal er zich bevindt in die beperkte ruimte van een auto !

Ondertussen zijn we allebei al vertrouwd met de risico’s van een autorit maar gewapend met wat humor en een paar auto-survival-truken doorstaan we elke trip.

Eerlijkheidshalve moet ik toegeven dat ik toch nog altijd wat zenuwachtig ben als er weer een 10-uren-rit naar de Ardèche op het programma staat.

Het moment van vertrek! Ik loop meestal het huis nog rond als een kip zonder kop, probeer me te focussen op wat niet mag vergeten worden : de frigo-spullen, de toiletzak, de laders van de gsm,…. terwijl Filip al ongeduldig achter het stuur zit te wachten.

Er zit niets anders op dan alles los te laten en mij vast te klikken in de passagierszetel. Vanaf dan ‘moet’ of beter ‘mag’ ik in principe niets meer doen. Dat wil zeggen, niet helpen remmen, niet helpen meekijken in de spiegels bij het voorbijsteken, geen advies geven over het schakelen, er niet helpen aan herinneren ruitenwissers of lichten aan te steken ….. Vermoeiend lastig, kan dat soms zijn, niets doen!

Ten voordele van ons huwelijksgeluk, heb ik al veel strategieën ontwikkeld, om de omliggende verkeerssituatie, de rijstijl en de route zelf, zo veel mogelijk te negeren.

Ik begin meestal met het afwerken van mijn ochtendtoilette, gezien ik daar thuis geen tijd meer voor had. De behoorlijk grote spiegel van de zonneklep komt daarbij goed van pas: haar kammen, ogen maquilleren, bril vervangen door lenzen… Zo kom ik toch een beetje fatsoenlijk voor de dag, vanachter mijn raam, voor de passerende chauffeurs.

Ja, dat is nog een favoriete bezigheid : sightseeing of gluren bij de buren! In de auto’s die we voorbijsteken, en vooral ook als we stil staan aan de lichten of in de file. Waar zijn mijn lotgenoten mee bezig? Zijn ze geamuseerd aan het babbelen of wijzen die gesticulerende armen op een auto-discussie ? Soms voelen mensen als je hen aanstaart, en moet ik gegeneerd mijn blik afwenden, als ze dan per ongeluk ook terug kijken.

Lezen! Nog een perfecte activiteit tijdens lange autoritten! Thuis word ik vaak afgeleid van het verhaal door stemmen in mijn hoofd die me herinneren dat de vaatwasser nog moet geleegd worden, de droogkast gevuld, de trap gestofzuigd…. maar daar heb ik in de auto totaal geen last van! De stemmen weten niets te verzinnen, er is toch niets anders te doen!

‘Slapen’ is uiteraard de beste remedie tegen autostress. Wat Filip betreft, mijn meest doeltreffende strategie. Het toeval wil dat ik een expert ben in tukjes doen. Dat lukt voor mij ook perfect in een auto. Enige voorwaarde is dat ik mijn ogen afdek zodat het donker lijkt. Daarom heb ik altijd een sjaal bij de hand. Als een slaapje zich opdringt, leg ik die op mijn ogen en maak hem dan vast achter mijn hoofd. Want in een schokkende, soms wat onverwachts weg en weer wiegende auto (waarmee ik geen kritiek wil uiten op mijn chauffeur uiteraard !) kan de sjaal niet naar beneden zakken over mijn neus of mond en geraak ik niet ongewild in ademnood tijdens mijn slaap.

Ik neem het er maar bij dat het wel een vreemd zicht moet zijn voor de passanten. Ik zou ook mijn bedenkingen hebben als ik een camionette zie passeren met naast de chauffeur een geblinddoekte vrouw. Maar tot nu toe werden we nog nooit aan de kant gezet door een controle-patrouille.

Gelukkig maar, want het zijn onze beste auto-momenten. Mijn chauffeur kan ongestoord zijn ding doen, terwijl ik lig te dromen van onze eindbestemming.

Al bij al kan ik toch maar weer mooi van geluk spreken. Zoveel problemen zijn er niet in de wereld die je kan oplossen door gewoonweg te slapen.

Zondag

Zondag, de enige dag zonder wekker. Die zevende dag van de week, doen we zoals God het ons voordeed: uitrusten !

De jongens zijn al in die grootteorde dat ze ons niet meer wekken. De oudste blijft trouwens liefst zelf tot de noen in zijn bed liggen. En als we geluk hebben, staat er voor de jongste ook geen huiswerk meer op de planning en is er geen handbalmatch.

Om de twee weken is er ook een versie ‘zondag zonder kids’. Dan kan alleen onze eigen planning, onze rustdag verstoren, zou je denken… Was het niet van onze kleinste telg, Twix, de poes, die als een echte dame ook haar deel van de aandacht opeist !

We vermoeden dat ze last heeft van een soort verlatingsangst. Die steekt vooral de kop op rond 6u30 de zondagmorgen. Het uit zich in klagend miauwen en krabben aan onze kamerdeur. Een blinde paniek die haar overvalt dat we er niet meer zijn. In haar kattenbrein is dat de enige verklaring voor het feit dat Filip niet zoals andere dagen op dat uur, uit de slaapkamer komt, waar ze geduldig ligt te wachten, en in het halve duister haar best doet zoveel mogelijk in de weg te liggen, zodat hij écht moet bewijzen dat hij wakker is door vooral niet te struikelen!

Gelukkig is het enkel Filip die ze mist. Eens hij dan toch maar is opgestaan om haar gerust te stellen dat hij nog leeft, kan ik gewoon nog wat verder soezen.

Het voordeel is ook dat, als hij dan toch als eerste is opgestaan, hij meteen ook naar de bakker kan gaan. En zo is elke zondag ook een beetje vrouwendag ten huize Irfi.

Huiswerk

“Ik moet nog huiswerk maken, anders zal de juf boos zijn!” Tja, dat wil je niet natuurlijk, je wil die juf van je zoon tevreden houden, je wil je zoon ‘s morgens met een glimlach naar school zien vertrekken, je wil hem ‘s avonds niet wenend in bed vinden omdat hij nog een taak vergat te maken.

Al is dat niet altijd simpel als je een rugzak leerproblemen meezeult. ‘Leer’-problemen, voor wie niet vertrouwd is met het concept, dat betekent dat je, ondanks een gemiddeld IQ, toch moeite hebt om te lezen, moeite om te rekenen, moeite om te onthouden, moeite om nieuwe leerstof op te nemen, moeite om geleerde leerstof te automatiseren, moeite om te plannen… Er is geen verklaring, geen oorzaak, geen remedie, geen medicatie, ….

Met al deze beperkingen is huiswerk, steevast een zware beproeving, ook voor mij.

Het begint met een schietgebedje als de boekentas open gaat, dat minimum toch de schoolagenda in de boekentas zal zitten, en dat hij die niet vergeten is op school. Eens dat geluk ons ten deel valt, gaat het erom daarin samen op zoek te gaan naar de taken voor deze week. Hoe moeilijk kan dat zijn, hoor ik jou denken? Dan ben jij waarschijnlijk ook nog van die generatie waarvan er in de lagere school alleen zoiets bestond als rekenen, lezen en WO (en knutselen en turnen, maar daar kreeg je geen huiswerk voor)?

Wel nu, het is tijd voor een update! Die vakken zijn exponentieel uitgegroeid tot een arsenaal vakgebieden als meten, metend rekenen, meetkunde, toepassingen, getallenkennis, cijferen, taalbeschouwing, spelling, luisteren, begrijpend lezen, …. Zelfs met mijn notities erbij van alle infosessies, die ik op school trouw probeer bij te wonen, slaag ik er nog steeds niet helemaal in al die begrippen volledig uit elkaar te houden en aan de juiste inhoud te koppelen.

En blijkt dit nu toch wel de eerste vereiste te zijn van een optimale huiswerk-coach. Je moet spelen met die vakbenamingen, ze moeten deel uitmaken van je dagelijks vocabulaire! Anders zit je daar mooi, naast je lagere schoolkind, trots te wezen over je perfecte kennis van spellingsregels en je inzicht in lagere schoolwiskunde, maar heb je niet eens een flauw benul waarover de huistaak zal gaan, afgaand op de omschrijving in de agenda.

En alsof dat al niet complex genoeg is, hoort bij elk van die vakken nog eens een bibliotheek handboeken én werkboeken, met wat mij betreft toch iets te weinig onthullende namen. Of wat versta jij onder boeken met titels als ‘Katapult’, ‘Kompas’, ‘Mundo’, ‘ViaMundo’, ‘Alfabeestje’, ‘Zonder fouten’, ‘Quartier Etoile’? Ja dat laatste is Frans, die had ik zonder infosessie ook nog wel door..Maar de rest?

Ja ik geef toe, na 6 jaar, zou ik die namen nu toch onderhand wel moeten kennen… Ik vermoed dat ik ook leerproblemen heb…

Maar goed, eens we zover zijn, dat we alles hebben uitgeplozen wat ons te doen staat deze week en we alle bijhorende boeken hebben gevonden, dan denk je, vooruit, nu gaan we er snel aan beginnen, zodat we er vanaf zijn! Mis! Niet in een 6de leerjaar! Want in een 6de moet je eerst leren plannen.

Plannen is namelijk een fundamentele vaardigheid voor de verdere schoolcarrière, dat begrijp ik. Maar voor mijn zoon komt het neer op beslissen welke taak hij zonder veel poes-pas direct kan beginnen invullen, en beslissen welke taken hij wil uitstellen naar ‘niet vandaag’.

Om niet nog meer kostbare vrije tijd te verliezen, begint hij meestal toch maar meteen met het eerste het beste invulblad, en ondertussen hou ik me dan maar in stilte bezig met het plannen van zijn uitgestelde taken.

En terwijl ik zo naast hem zit, en hem af en toe wat bijstand geef bij moeilijke woorden of begrippen, zit ik hem stiekem van achter mijn planningsschema te bewonderen, voor zijn motivatie, zijn enthousiasme en zijn niet-aflatende inzet, die hij ondanks alles nog aan de dag kan leggen, na al mijn gezeur, gezucht en gezaag dat ik censureerde tijdens de hierboven beschreven passage, en dat hij bovenop zijn leerproblemen ook nog maar eens heeft moeten doorstaan…

Ik vermoed dat ik een grote buis zal hebben voor huiswerk-begeleiding. Nu maar hopen dat de juf niet boos is….

Facebook

Mijn Facebook vrienden…. waar zijn ze, wat doen ze, wat drijft hen? Dat vraag ik me de laatste tijd vaak af.   Want ik vind ze niet meer? Iemand moet dringend de digitale versie uitvinden van de sticker “geen reclamedrukwerk a.u.b.” om te kleven op mijn Facebook-postbus. Want ik verzuip in advertenties, filmpjes en reclame! Zo erg dat ik mijn eigen vriendjes niet meer terug vind! 

En ja, toegegeven, de reclame is wel zeer gericht. Daar heb ik absoluut geen klagen van. Het zijn altijd precies die spullen waar ik nood aan heb in mijn leven, die worden geëtaleerd. Dankbaar voor zoveel ingenieuze efficiëntie moet ik toch minimum alles eens bekijken, vind ik… Heb ik even gegoogeld naar krabpalen om te voorkomen dat onze poes de zetel als krabmuur gebruikt, dan krijg ik meteen erna een collectie coole krabpalen te zien tot in 5 etages, maar evengoed van nieuwe zitbanken, én van pedicure-sets voor kleine huisdieren….. ook allemaal opties natuurlijk! Enig nadeel van de nogal overvloedige waaier aan keuzes is dat ik als twijfelaar, aan keuzestress bezwijk en al lang geen zin meer heb in de aankoop van een krabpaal. Met die twijfelaars-factor houdt het algoritme van Facebook (nog) geen rekening vermoed ik….

En ja, eigenlijk was ik op Facebook om een inkijkje te krijgen in het leven van mijn zelf gekozen vriendjes. Maar nu zie ik toch wel continu filmpjes ! Een halfuurtje facebooken en je beleeft een rollercoaster aan emoties! Nu eens door de meest schattige huisdieren ‘ever’ van over heel de wereld, dan weer macho-mannen die hilarisch ongelukkig in een zwembad belanden, en soms ook lieve weeskindjes die net op een originele manier te horen kregen dat hun stiefpapa hen wil adopteren, ja zeer aandoenlijk !

Maar euuh, ik durf het bijna niet zeggen, maar ik ken die mensen helemaal niet hé. Waarschijnlijk is er iets mis met mijn Facebookaccount? 

Terwijl ik verder op zoek ga naar mensen die ik wél ken, wordt mijn aandacht getrokken door een artikel met onthullende details over het laatste familiedrama, als ik dat wegklik zie ik een preview van wat er vanavond zal gebeuren in Thuis (interessant voor het geval ik geen tijd heb om te kijken), en daarna ook een post-view van de programma’s die ik al heb gemist, en dan vallen mijn ogen op zalige schoenen!  Ze blijken wel van de andere kant van de wereld, maar gelukkig net in promotie en nog goedkoper dan de in de winkel een paar straten verder!  

Maar euh…. waar was ik nu weer mee bezig?

Ah ja, juist, mijn vrienden ! Maar waar zijn jullie toch!? En wat deden jullie vandaag? Vroeger wist ik tenminste nog wat jullie aten op restaurant, ik kon meekijken in jullie bord en wist met wie je daar zat! Ik zag foto’s van jullie pasgeboren baby’s nog met navelstreng en al! Maar tegenwoordig deelt niemand nog iets ! En als ze dat al doen, vind ik het niet terug tussen die massa’s reclame en fake-filmpjes…. 

Echt waar, vroeger won ik ongelooflijk veel tijd met Facebook. Ik hoefde mijn vrienden niet meer te bellen, om te weten dat ze op reis waren en kon me de tijd besparen bij hen binnen springen nadien om die reisfoto’s te gaan bekijken en beleefd hun vakantieverhalen te aanhoren. En ik moest  geen moeite meer doen verjaardagen te onthouden of laat staan verjaardagskaartjes te sturen ! Ik moest niet meer langs gaan bij familie om mij nog de namen te herinneren van hun kinderen. En van kennissen volstond het af en toe eens een foto te liken bij wijze van erkenning, zo verloor ik tenminste  geen tijd meer hen te begroeten op straat, want ja eerlijk gezegd, zó goed ken ik ze nu ook weer niet eigenlijk … 

Maar nu weet ik het zo niet meer, hoe moet het nu verder?  Waarom maakt Facebook eigenlijk geen betalend profiel zonder reclame? Van alle andere Apps, wordt mij dat om de haverklap gevraagd: ‘upgrade naar App zonder reclame?’ Hoeveel keer heb ik dat al weg moeten klikken? Mark Zuckerberg zal dat geen goed idee vinden, Facebook zonder reclame, want anders had hij het al lang gelanceerd. 

Maar Facebook zonder vrienden, dat vind ik dan weer geen zo’n goed idee…. 

Misschien moet ik toch een  Facebook detox overwegen, of zelfs cold-turkey-gewijs meteen helemaal stoppen. Het zou in ieder geval een tijdsbesparing kunnen zijn. En wie weet, vind ik dan wel weer vrienden terug ? Of heb ik tijd om zelf met hen op restaurant te zitten!